Reisverslag: Britt reisde met haar kinderen naar de Lofoten
Met twee kleine kinderen naar de Lofoten, een aanrader?
Britt neemt je mee op haar reis met haar gezin
“Is dit niet te ambitieus met jonge kinderen?” Dat was misschien wel de vraag die ik het vaakst kreeg toen ik vertelde dat we naar Noord-Noorwegen gingen met onze twee kinderen van 4 en 7 jaar. En eigenlijk wist ik het zelf ook niet. Een reis naar Noorwegen stond al een tijdje op mijn bingokaart. De Lofoten, de indrukwekkende bergen, de natuur en de kleine vissersdorpjes: het leek me prachtig. Maar tegelijk vroeg ik me af of het wel een goede bestemming was met jonge kinderen.
Zouden zij het leuk vinden? Zouden we die lange autoritten aankunnen? En wat met al die wandelingen waar het noorden van Noorwegen zo bekend om staat? Wij hadden eigenlijk nog nooit echt gewandeld, laat staan met onze kinderen. We hadden zelfs geen wandelschoenen. En dan was er nog het weer: wat trek je aan als het op één dag zowel koud als warm kan zijn? Ik las overal dat je met laagjes moest werken, maar eerlijk gezegd vond ik het allemaal best overweldigend. Ik had dus geen idee of deze reis een succes zou worden. Mijn antwoord op al die vragen was dan ook simpel: ik weet het niet, we gaan het gewoon ondervinden. En achteraf kan ik alleen maar zeggen: het is allemaal zoveel beter meegevallen dan ik ooit had durven hopen.
De lange autorit naar Å
Onze reis begon meteen met een lange autorit. Ik had ervoor gekozen om op de eerste dag helemaal door te rijden naar het meest zuidelijke vissersdorpje op de Lofoten, Å. Op papier klinkt dat misschien als een nogal ambitieus plan met twee kinderen, maar eigenlijk verliep die rit verrassend vlot. We probeerden niet te veel druk op de kinderen te leggen en maakten er gewoon een gezellige roadtrip van. Ze sliepen wanneer ze moe waren, we luisterden naar luisterverhalen en stopten wanneer het nodig was. Onderweg hadden we bovendien al meteen prachtige plekken om naar uit te kijken.
Onze eerste stop was Hamnøy, bekend om de rode vissershuisjes, de bruggen en het prachtige licht in de vroege ochtend. Daarna reden we verder naar Anita’s Sjømat voor een korte tussenstop en trokken we door naar Reine, waar we even rondliepen in de haven, naar de vissersboten keken en zelfs zeearenden probeerden te spotten. Uiteindelijk reden we helemaal door naar Å, met zijn oude vissershuisjes, stokvis en kleine straatjes. Het was een lange eerste dag, maar tegelijk ook eentje waarbij we meteen het gevoel kregen dat dit wel eens een heel bijzondere reis kon worden.
2000 sherpatrappen met twee kleine kinderen
Een paar dagen later stonden we aan het begin van de wandeling naar Reinebringen. Op verschillende websites werd deze wandeling afgeraden met jonge kinderen. 2000 sherpatrappen, een stevige klim en zeker geen evidente wandeling als je kinderen nog maar 4 en 7 jaar zijn en eigenlijk nauwelijks wandelervaring hebben. Toch zagen we een hele stroom mensen richting de berg wandelen en werden we vooral nieuwsgierig. We liepen mee tot aan het begin van de trappen en besloten om gewoon eens te kijken hoe ver we zouden geraken.
Eens we begonnen waren, wilden we eigenlijk niet meer opgeven. Louis (7 jaar) was meteen helemaal gemotiveerd. Hij had net nieuwe wandelschoenen gekregen en wilde ze duidelijk uitgebreid testen, want hij liep regelmatig voorop en moest soms zelfs op ons wachten. Claire (4 jaar) had wat meer aanmoediging nodig. Na elke 100 trappen stond het aantal aangeduid en maakten we er een soort spelletje van: even stoppen, wat water drinken, af en toe een snoepje en daarna weer verder. En zo kwamen we steeds hoger, tot we uiteindelijk na 2000 trappen boven stonden.
Het uitzicht was adembenemend en hoewel het boven stevig waaide, was het zo mooi dat je even vergat hoe moe je was. Maar wat mij vooral bijbleef, was hoe trots ik op mijn kinderen was. Ik zag Louis zichzelf uitdagen en Claire telkens opnieuw haar moed bijeenrapen om verder te gaan. En ergens onderweg besefte ik dat we onze kinderen misschien veel sneller onderschatten dan nodig is. Ik had vooraf gedacht dat zo’n wandeling misschien veel te zwaar zou zijn, terwijl mijn kinderen daar uiteindelijk gewoon stap voor stap boven geraakt zijn. Natuurlijk waren er momenten waarop het moeilijk was en moesten we pauzeren, maar dat is net het mooie: je hoeft niet vooraf te weten of iets zal lukken. Je kunt ook gewoon beginnen en onderweg kijken hoe het gaat.
En misschien was dat voor mij wel het mooiste moment van de hele reis. Niet alleen het uitzicht bovenaan, maar de weg ernaartoe. Ik heb tijdens die wandeling zo hard genoten van mijn kinderen. We praatten, maakten grapjes, moedigden elkaar aan en waren echt samen bezig. Ik denk dat ik die 2000 trappen daarom nog lang zal onthouden.
Noorwegen is zoveel meer dan wandelen
Wie aan Noorwegen denkt, denkt waarschijnlijk meteen aan wandelen en bergen. En ja, de natuur is er werkelijk adembenemend. Na bijna elke bocht in de auto zat ik opnieuw te zeggen: “Oh wauw, kijk hoe mooi!” Maar je hoeft absoluut geen fervente wandelaar te zijn om met kinderen van Noorwegen te genieten. Er zijn ontzettend veel manieren om de natuur te beleven, en net die afwisseling maakte onze reis zo leuk.
Een van de absolute hoogtepunten voor ons was de Silent Trollfjord Cruise vanuit Svolvær. We voeren met een hybride boot heel stil tussen de eilandjes door, waardoor we de natuur en het wildlife van heel dichtbij konden beleven zonder de omgeving onnodig te verstoren. We zagen prachtige zeearenden vertrekken en landen en kregen onderweg heel wat uitleg over de Lofoten, de natuur en de visserij. Het was zo’n activiteit waarbij de kinderen zich niet hoefden te “vervelen” omdat ze gewoon rondkeken en alles wat er gebeurde konden ontdekken.
Je kunt het natuurlijk ook wat actiever aanpakken. Kajakken bijvoorbeeld, waardoor je letterlijk midden tussen die indrukwekkende natuur zit in plaats van er alleen maar vanop een afstand naar te kijken. En na al die actie vonden wij het heerlijk om ook even te ontspannen in de spa en sauna, met uitzicht op de bergen. Want ook dat is volgens mij belangrijk wanneer je met kinderen reist: niet proberen om elke minuut vol te plannen, maar ook ruimte laten om gewoon even niets te doen.
We bezochten daarnaast het Lofotr Vikingmuseum, waar je zelfs met een echte Vikingboot kunt varen. En daar leerden we meteen iets nieuws: Vikingen droegen helemaal geen hoorns op hun helmen. Dat is een mythe die vooral dankzij Hollywood bekend is geworden. Het was een leuke manier om de kinderen iets bij te leren zonder dat het aanvoelde als een geschiedenisles.
Dus… is Noorwegen geschikt met kinderen?
Na onze reis kan ik daar eigenlijk heel duidelijk op antwoorden: ja. Noorwegen is absoluut geschikt voor een reis met kinderen. Het is een kindvriendelijk land en er is veel meer te doen dan alleen lange bergwandelingen. Overal kwamen we speeltuinen tegen en ook op restaurant vonden we regelmatig kindermenu’s. Bovendien vonden wij het net fijn dat de kinderen zoveel buiten konden zijn en dat bijna elke activiteit tegelijk een ontdekkingstocht werd.
Natuurlijk betekent dit niet dat je met een kind van 4 zomaar elke berg op moet. Je kent je eigen kinderen het beste en je moet altijd rekening houden met hun leeftijd, conditie en karakter. Soms moet je een planning aanpassen, een wandeling inkorten of gewoon een extra pauze nemen. En dat is helemaal oké. Het gaat er voor mij niet om dat je je kinderen moet pushen om dingen te doen die ze niet aankunnen.
Het gaat erom dat we soms al beslissen dat iets niet kan zonder het ooit geprobeerd te hebben.
We onderschatten onze kinderen misschien te vaak
Dat is uiteindelijk de grootste les die ik uit deze reis meeneem. Niet alleen dat Noorwegen een geweldige bestemming is met kinderen, maar vooral dat ik mijn kinderen misschien vaker onderschat dan ik zou willen toegeven. Vooraf zag ik vooral de mogelijke problemen: de lange autorit, het wandelen, de kou, de vermoeidheid, de vraag of ze het allemaal wel leuk zouden vinden. Maar mijn kinderen zagen die problemen helemaal niet. Die zagen een roadtrip, bergen, trappen, boten, zeearenden en een avontuur.
Misschien moeten we als ouders soms wat minder snel voor onze kinderen beslissen wat ze wel en niet kunnen. Niet door ze te forceren, maar door ze de kans te geven om het zelf te ontdekken. Misschien lukt het. Misschien lukt het niet. Misschien moeten we halverwege stoppen. Ook prima. Maar je weet het pas als je het probeert.
Ik denk daarom dat ik voortaan iets minder snel zal zeggen: “Dat kunnen ze nog niet.” We kunnen het altijd proberen en dan zien we wel hoe ver we komen.
Want misschien kunnen onze kinderen veel meer dan we denken.
En misschien wij als ouders ook.
–
Tekst en foto’s: Britt Muyldermans.









